Jaarverslag 2015

2015: Versterken van de basis

 

Toegankelijkheid en begrijpelijkheid

Toegankelijkheid en begrijpelijkheid zijn belangrijke aandachtspunten voor de Rechtspraak. Iedereen in Nederland heeft toegang tot de rechter en moet kunnen begrijpen wat in de rechtszaal gebeurt. Belangrijk onderdeel daarvan is dat rechtzoekenden zich van tevoren moeten kunnen oriënteren op een rechtsgang.

In 2015 werd de digitale toegankelijkheid verbeterd door de vernieuwing van de website www.rechtspraak.nl. Rechtzoekenden kunnen daar in begrijpelijke taal informatie over het verloop van een rechtszaak, de gemiddelde duur daarvan en een schatting van de kosten vinden. Bovendien is de site geschikt voor bezoek via tablet of telefoon. Hiermee is www.rechtspraak.nl grotendeels geschikt gemaakt als toegangsportaal tot ‘Mijn Rechtspraak’ en de digitale procesgang.

In 2015 startte de Rechtspraak het Rechtspraak Servicecentrum. Hier kunnen professionals, rechtzoekenden en burgers via telefoon, Twitter en Facebook vragen stellen. Rechtspraakmedewerkers, vaak afkomstig van de griffies van diverse gerechten, zijn opgeleid om deze vragen in nauwe samenwerking met de gerechten te beantwoorden. Het aantal vragen nam in de loop van 2015 geleidelijk toe tot 1.900 per maand. De servicedesk slaagde erin de vragen ruim binnen 8 uur te beantwoorden.

Toegankelijkheid betekent ook dat de Rechtspraak in het openbaar reageert op reacties uit de samenleving. Dit draagt bij aan het vertrouwen in Rechtspraak. Bestuurders, rechters en andere medewerkers verschijnen met enige regelmaat in de media om toelichting te geven. Dat betreft voorlichting over rechtszaken, maar ook als het gaat over de Rechtspraakorganisatie of de rechtsstaat. Uit de evaluatie van de nieuwe persrichtlijn die in 2015 werd afgerond, blijkt dat rechters, journalisten en andere partijen vinden dat er sinds de nieuwe richtlijn meer mogelijkheden zijn verslag te doen uit de rechtszaal. Wel bleek de richtlijn door gerechten en individuele rechters nog verschillend te worden toegepast.

Andere voorbeelden die bijdragen aan toegankelijkheid zijn nieuwsbrieven. De rechtbank Amsterdam stuurt wekelijks een nieuwsbrief aan journalisten. Als gevolg daarvan verschijnen in de media artikelen over de in de nieuwsbrief opgenomen zaken. Ook de rechtbank Overijssel zet met een maandelijkse nieuwsbrief in op de zichtbaarheid van rechtspraak. Op landelijk niveau wordt elke donderdag een nieuwsbrief verstuurd met daarin relevante ontwikkelingen. Die nieuwsbrief heeft in 4 jaar tijd een oplage bereikt van meer dan 33.000 abonnees.

In 2015 werkte de Rechtspraak mee aan het tv-programma Kijken in de ziel. Circa een half miljoen kijkers konden gedurende zes wekelijkse uitzendingen uitgebreid kennis nemen van het ambacht, de achtergrond en de denkbeelden van twaalf rechters en raadsheren. De reacties van tv-recensenten en kijkers waren erg positief. Het programma was op verschillende gerechten aanleiding voor discussies met de programmamaker en de deelnemende rechters.

De Rechtspraak vergrootte in 2015 haar bereik via sociale media sterk. Op Twitter (@RechtspraakNL) steeg het bereik met tientallen procenten naar 17 duizend volgers. Op Facebook.com/Rechtspraak telde de Rechtspraak eind 2015 13 duizend pagina-likes. Belangrijker nog is dat de interactie op beide media verveelvoudigde. Sociale media zijn belangrijk geworden als discussieplatform over rechtspraak; de Rechtspraak discussieert waar mogelijk mee.

De gerechten zetten in op publiekscommunicatie. De Week van de Rechtspraak, een jaarlijks publieksevenement, had in 2015 het thema ‘De keuze tussen vrijheid en veiligheid, een dag op de stoel van de rechter’. Gerechten zette hun deuren wijd open voor het publiek. Op veel plekken was er de mogelijkheid in gesprek te gaan met rechters, officieren van justitie en advocaten. In de rechtspraaklocaties in Utrecht, Breda, Den Bosch, Zwolle/Lelystad, Arnhem, Rotterdam, Dordrecht, Almelo en Maastricht werden openbare debatten georganiseerd.